Poppentheater
Uilenspiegel Brugge

vzw Poppentheater Uilenspiegel zet Brugse actualiteit en politiek in de verf voor volwassenen en in het Brugs. Welkom op onze site.

Poppentheater Uilenspiegel

Missie

vzw Poppentheater Uilenspiegel werd opgericht om terug aan te sluiten op de oude Brugse traditie waarbij Pietje Puppe met unieke marionetten in Brasserie Uilenspiegel startte begin de jaren 80 met Theater Uilenspiegel. Beleef de heropleving van het poppentheater in Brugge in zaal Secret Bar van Huisbrouwerij Halve Maan op het Walplein 26 te Brugge. Het gezelschap van Poppentheater Uilenspiegel Brugge neemt je op sleeptouw met de Brugse dames Molviene en Manse en de mannen Allewies en Fonsen, die ons overladen met Brugse actualiteit en politiek doorspekt met Brugse herinneringen, wijsheden en niet te missen Brugse uitdrukkingen.

Gestart in een bovenzaaltje van Uilenspiegel Brugge, nu in zaal Secret Bar van Halve Maan.

De vzw geniet subsidie van de stad Brugge en sponsoring van Brugse Zot. Marketingbureau Digivu sponsort met de website.Het Poppentheater brengt elk semester (behalve in de zomermaanden) een nieuwe voorstelling en kan ook op afspraak een voorstelling geven voor groepen, serviceclubs, families … al dan niet gecombineerd met een diner in één van de mooie feestzalen van Huisbrouwerij Halve Maan.


We stellen met trots volgende voorstellingen aan u voor: 't Zyn fiegen achter Poaschen.


Allewies

Allewies is de beste moat van Fonsen.
Hij weet veel en stuurt de anderen vaak bij, zeker Fonsen, die vaak fouten maakt. Net als Fonsen gaat hij graag op café en z'n hobby is vissen. Vroeger werkte hij als receptionist in een hotel.
'Zen erte klopt vo de verènegienge': ‘Een Cerkeltrutte’ in ‘t Brugs.

Fonsen

Fonsen is de man van Manse.
Allewies is z'n beste moat en op café praat hij graag over vissen en z'n oude werk,de RTT.
Eigenlijk is hij niet zo slim, zegt de dingen vaak verkeerd er mankeert altijd wel iets. 'Een blauw-zwarten in herte en nieren': ’een Clublààbere’ in ‘t Brugs.

Manse

Manse is 50 en de vrouw van Fonsen.
Ze is een bazig type en dat hoor je ook in de manier waarop ze spreekt: ze zegt wat ze denkt en waar het op staat. Ze werkte vroeger op het stadhuis als 'kuusvrouwe' en is op de hoogte van de verse roddels.

Molviene

Molviene is een weduwe.
Ze is wat minder cassant dan Manse. Ze is weduwe en heeft kleinkinderen en ze is een echte moederkloek, haar gezin staat altijd op de eerste plaats. Ze wil wel chic doen, maar haar volkse aard kan ze niet goed wegsteken. Ze klust wat bij als naaister. Ze is een verre achternicht van Koningin Mathilde en gaat daar prat op.

Pipa de duif

Pipa is de assistent van de burgemeester. Hij weet overal z'n weg en geraakt overal binnen. Hij is niet op z'n mond gevallen en 'oort zen eigen hèren klappen'.Pipa kan eender waar in het verhaal opduiken, daar waar het nodig is. Vaak met nieuws vanop het stadhuis.

Naast deze vier hoofdpersonages en Pipa, zijn er nog tal van gastpoppen die de revue passeren, afhankelijk van het verhaal.
De Brugse zot verwelkomt het publiek en geeft duiding waar nodig. De burgemeester (rechts op de foto de echte 😉) komt uiteraard ook vaak voor in onze voorstellingen.

Enkele Brugsche woorden en uitdrukkingen ...

Uit: "Got ier ooit nog eki snèven"Oeërejaagertjie (zn., v., -n) : vlinderdasje
Diltekoater (zn., -) : meisjesgek
Schaverdienen (onov. ww., -de) : schaatsen
Boeje (zn., m., -n boetjie) : werkplaats, opslagplaats
Kantèère (zn., m., -n) : grote verkoudheid (Zie koekde)
Kloefenoenkel (zn., -) : lamme goedzak
Men toenge is lik ’n Marokkoanse sliffer : Ik heb een “droge keel”
e Rukstjie (zn., o., -s) : geurtje, reukje
(Ver)ikskuuzir m’n bulte, t’is ’n ooge schoeëre : uitdrukking van verontschuldiging, ook: het was niet opzettelijk bedoeld
Bulte (zn., v., -n) : bochel, buil, rug
Uit: “En wa got nu zien”Kolsieje (zn., V.,-n) 1. straatsteen, kassei 2. Steenweg
Pennelèkkere (zn., m.,-s) scheldnaam voor een bediende
Kloefekappere (zn., m., -s) 1. Klompenmaker 2. Scheldnaam voor onnozelaar
Rizoneejren (onov. Ww., -irde) redeneren
Piekenotjie (zn., o.) 1. schoppen twee in het kaartspel 2. Iemand van kleine gestalte
Zwiekzwak (zn., m., -n) lange slungel
Babbelètte (zn., v., -n) kletskous, babbelzieke vrouw
Seutekaba (zn., v., -n) simpele of sullige vrouw
Reulienk (zn., m., -iengen) 1. deugniet 2. vat van 30 liter 3. onverzorgd iemand
ip d’oogte van de leeëgte goed ingelicht, goed geïnformeerd
Bron: Brugs woordenboek
Heemkundige Kring Maurits Van Coppenolle uitgeverij Brugs Ommeland